Straalpijp kiezen: debiet, type en druk
Kies een straalpijp op debiet bij 6 bar, debietregeling, druksysteem en koppeling. Voor de binnenaanval in België: 45 mm, EN 15182-2, 500 l/min, DSP 45.

Een straalpijp kiest u op vier punten: het debiet dat ze bij 6 bar levert, hoe dat debiet geregeld wordt (met een ring of automatisch), het druksysteem waarop ze werkt en de koppeling. Voor de binnenaanval is de Belgische maatstaf een combinatiestraalpijp van 45 mm met een nominaal debiet van 500 l/min bij 6 bar, het soort straalpijp dat onder EN 15182-2 valt. Ze heeft een straalbeeld van volle straal tot brede sproeikegel, een spoelstand en een draaibare DSP 45-koppeling. Een hogedrukstraalpijp op de haspel, goed voor 150 tot 180 l/min, is sneller bij een auto- of vuilbakbrand, maar heeft geen reserve als een kamerbrand groter wordt.
Eerst het debiet, altijd bij 6 bar
Het debiet van een straalpijp bepaalt hoeveel warmte een lijn uit een brand kan halen. Het cijfer zegt pas iets als de druk erbij staat. EN 15182 geeft haar debietgrenzen bij een referentiedruk van 6 bar. Het Luxemburgse brandweerkorps CGDIS rekent in zijn cursus over watertransport (in het Duits) met 5 tot 6 bar aan een combinatiestraalpijp.
Voor een aanvalslijn van 45 mm is 400 tot 500 l/min gangbaar. De federale technische fiche FT14 (mei 2017, in het Frans) is opgemaakt voor een federale opdracht voor de hulpverleningszones. Die opdracht liep tot 17 april 2018, maar als vertrekpunt voor een bestek blijft de lijst bruikbaar. Ze vraagt een nominaal debiet van 500 l/min bij 6 bar, een automatische regeling van de waterdruk, een pistoolgreep en een afsluiter met beugelhendel. De kop heeft vaste sproeitanden en draait van volle straal naar sproeistraal. De ingang is een halve DSP-koppeling van 45 mm met draaibare aansluiting.
De slang moet aankunnen wat de straalpijp vraagt. Franse opleidingstabellen van de brandweer geven voor een slang van 45 mm een drukverlies van 1,5 bar per 100 m bij 250 l/min en van 6 bar per 100 m bij 500 l/min. Dubbel debiet geeft dus vier keer zoveel verlies. Het zijn vuistregels, geen gemeten waarden van een bepaalde slang. In ons artikel over drukverlies in slangen van 45 en 70 mm rekenen we een volledige lijn uit.
Lagedruk op 45 mm of hogedruk op de haspel
Een lagedruklijn van 45 mm levert minstens het dubbele van een hogedrukhaspel. Brandweerofficier Karel Lambert (CFBT-BE) beschrijft de gangbare Belgische haspel als 80 meter slang met een binnendiameter van 25 mm. Met de juiste pompinstellingen is 180 l/min haalbaar. Dat is 3 liter per seconde, of een theoretisch koelvermogen van 9 MW. In de praktijk ligt het lager, schrijft Lambert. Een straalpijp van 45 mm levert tussen 400 en 500 l/min. Het koelvermogen van een lagedruklijn schat Lambert op 15 à 20 MW.
De haspel heeft echte troeven: de slang rolt in een rechte lijn af, één persoon kan ze in een kamer hanteren en na de inzet gaat ze gewoon terug op de haspel. Bij een auto- of vuilbakbrand is dat de snelste keuze. Het bezwaar van Lambert gaat over de binnenaanval. De meeste kamerbranden zijn met hogedruk te blussen, maar niemand weet vooraf welke niet. Het debiet van een haspel kunt u ook niet verdubbelen als een raam het begeeft en de brand aanwakkert. Lambert vat het zo samen: "Blussen met een hogedruk is als 120 km/h rijden op de autosnelweg zonder een autogordel te dragen."
Ons advies: neem in een gebouw een lagedrukstraalpijp van 45 mm mee naar binnen en houd de hogedrukstraalpijp voor kleine branden buiten.
Debietring of automatisch
Bij een straalpijp met debietring legt een ring het debiet vast. Een automatische straalpijp regelt zelf haar druk en de straalpijpdrager doseert het water met de hendel.
Met een debietring leert de Franse opleiding een vaste volgorde aan: ring instellen, straalbeeld kiezen, hendel openen. Het debiet is dan een bekend cijfer. Dat telt op een schuimlijn, want een lijnmenger (tussenmenger) is gebouwd voor één debiet en de straalpijp erachter moet daarmee overeenkomen. De lijnmengers in ons gamma bestaan in 200, 400 en 800 l/min.
In een automatische straalpijp is het meestal een veermechanisme dat de druk binnen het werkgebied houdt terwijl het debiet verandert. Dezelfde Franse cursus merkt op dat die ene hendel pulseren gemakkelijker maakt en waterslag beperkt.
Voor een ploeg die binnenaanvallen uitvoert, raden wij de automatische straalpijp aan: de straalpijpdrager heeft in de rook maar één hendel om aan te denken. De federale fiche FT14 maakte dezelfde keuze. Op een schuimlijn is de debietring de betere keuze.
Turbokador, Legende en I-POK naast elkaar
De drie POK-straalpijpen hieronder staan voor de drie gevallen: regelbaar debiet, automatisch en hogedruk.
| Straalpijp | Systeem | Debiet (l/min) | Debietregeling |
|---|---|---|---|
| Turbokador | Lagedruk | 150 tot 1000, afhankelijk van het type | Regelbaar debiet, draaiende turbinering |
| Legende 500 | Lagedruk, inzetbaar vanaf 2 bar | 500 | Automatische druk- en debietregeling |
| I-POK | Hogedruk, 40 bar | 150 | Regelbaar, afhankelijk van het type |
Alle drie geven een volle straal, een aanvalsstraal en een waterscherm en hebben een draaibare aansluiting waarop verschillende koppelingstypes passen. Turbokador en Legende zijn gecertificeerd volgens EN 15182-2 en hebben een spoelstand.
Elk van de drie heeft zijn grenzen. I-POK is een hogedrukstraalpijp: 150 l/min is een debiet voor gaskoeling en kleine branden, niet voor een kamer die volledig in brand staat. Turbokador heeft een draaiende turbinering, terwijl FT14 vaste sproeitanden vraagt. Laat het ons weten als uw bestek de federale fiche op dat punt volgt. Let bij de versies met een hoog debiet op de reactiekracht: een opmerking in EN 15182-1 zegt dat u daar rekening mee moet houden voor u een straalpijp kiest. Voor debieten die een ploeg niet meer in de hand houdt, leest u ons artikel over draagbare en vaste monitoren. De andere lijnen (Criquet, Aquastar en de straalpijpen met 3 standen) staan op de pagina straalpijpen.
Wat EN 15182 regelt
EN 15182 is de Europese norm voor handstraalpijpen voor de brandweer. Deel 1 (2019) bevat de gemeenschappelijke eisen, de beproevingsmethoden en de markering. De delen 2 tot 4 beschrijven elk één familie.
| Deel | Soort straalpijp | Nominale druk | Maximaal debiet bij 6 bar (l/min) |
|---|---|---|---|
| EN 15182-2 | Combinatiestraalpijpen (volle straal en regelbare sproeistraal) | PN 16 | 1000 |
| EN 15182-3 | Volle straal (smooth bore) of één vaste sproeihoek | PN 16 | 1000 |
| EN 15182-4 | Hogedrukstraalpijpen | PN 40 | 250 |
Deel 3 bevat een waarschuwing die voor een koper telt. Bij een sproeihoek van minder dan 30° geven deze straalpijpen geen of onvoldoende bescherming aan de brandweerlui. Ze mogen niet worden gebruikt in situaties met een hoog risico zoals de binnenaanval. Een volle straal werpt ver en doet buiten zijn werk. Voor een aanvalsploeg is het de verkeerde straalpijp.
Wat gaskoeling van een straalpijp vraagt
Gaskoeling vraagt een straalpijp die 150 tot 200 l/min geeft in een kegel van 40 tot 60°, met een afsluiter die in één beweging opent en sluit. Dat zijn de instellingen van Karel Lambert voor de korte puls, met de straalpijp minstens 45° ten opzichte van de vloer en één of twee liter water per puls. Bij de lange puls gaat de kegelhoek naar ongeveer 30° en blijft de straalpijp een tweetal seconden open. Over het druksysteem schrijft hij: "Het heeft geen belang of er met een HD-straalpijp of een LD-straalpijp gewerkt wordt. Als beide straalpijpen ingesteld staan op een debiet van 150 à 200 liter per minuut is het effect hetzelfde."
Gaskoeling maakt de weg naar de brandhaard veiliger. Blussen vraagt een directe aanval met meer water. Een straalpijp voor de binnenaanval moet dus de twee kunnen: een laag debiet om te pulseren en de volle 400 tot 500 l/min voor de aanval. Legende is volgens de productgegevens geschikt voor gaskoeling en pulseren. Probeer een straalpijp altijd uit met handschoenen aan, want de straalpijpdrager moet de kegelhoek op de tast terugvinden.
Koppeling, spoelstand en wat u ons doorgeeft
In België draagt een straalpijp van 45 mm een DSP 45-koppeling. Het koninklijk besluit van 30 januari 1975 legt de typekoppelingen voor brandbestrijdingsmaterieel vast. Het zelfdichtend symmetrisch perskoppelstuk van 45 en 70 mm uit bijlage 1 is de koppeling die als DSP verkocht wordt. Nederlandse, Duitse en Luxemburgse korpsen werken met Storz. Onze drie straalpijpen hebben een draaibare aansluiting voor verschillende koppelingstypes: vermeld bij uw bestelling welke u nodig hebt.
In de spoelstand spoelt vuil dat de werking van de straalpijp hindert naar buiten. FT14 vraagt ook een filter tegen grove deeltjes die de spoelstand niet kan verwijderen.
Welk model en welke versie u nodig hebt, zeggen wij u op basis van vier gegevens. U geeft ze door via onze contactpagina:
- slangdiameter en koppeling, bijvoorbeeld DSP 45 of Storz C
- lagedruk of hogedruk en de druk die uw pomp aan de straalpijp kan leveren
- het debiet dat u wilt, met debietring of automatisch
- voor schuim: het debiet van uw lijnmenger
Veelgestelde vragen
Welk debiet moet een straalpijp voor de binnenaanval hebben?
Een aanvalsstraalpijp van 45 mm levert tussen 400 en 500 l/min. De federale fiche FT14 legt het nominaal debiet op 500 l/min bij 6 bar. Gaskoeling onderweg naar de brandhaard gebeurt met 150 tot 200 l/min, dus de straalpijp heeft ook een lage stand nodig.
Wat is het verschil tussen een straalpijp met debietring en een automatische straalpijp?
Bij een straalpijp met debietring legt een ring het debiet vast voor de straalpijp opengaat. Een automatische straalpijp regelt zelf haar druk en de straalpijpdrager doseert het water met de hendel. In ons gamma is Legende automatisch bij 500 l/min, terwijl Turbokador een regelbaar debiet heeft van 150 tot 1000 l/min, afhankelijk van het type.
Volstaat een hogedrukstraalpijp voor een kamerbrand?
Voor de meeste kamerbranden wel, maar er is geen reserve. Een Belgische hogedrukhaspel levert ongeveer 180 l/min, een lagedruklijn van 45 mm 400 tot 500 l/min. Het debiet van een haspel is niet te verdubbelen als de brand groter wordt. Daarom raden wij voor de binnenaanval een lagedrukstraalpijp van 45 mm aan.
Welke koppeling heeft een straalpijp in België nodig?
Een DSP 45-koppeling op een lijn van 45 mm. Het koninklijk besluit van 30 januari 1975 legt de typekoppelingen voor brandbestrijdingsmaterieel in België vast en Storz hoort daar niet bij. Onze straalpijpen hebben een draaibare aansluiting voor verschillende koppelingstypes, zodat korpsen in Nederland, Luxemburg of Duitsland een Storz-koppeling kunnen vragen.



