Koppelingen meten: maten van Storz, DSP, AR en Guillemin
Een Storz-koppeling herkent u aan de nokafstand (31, 66, 81, 89 of 133 mm), DSP, AR en Guillemin aan de slangdiameter. Maattabellen en hoe u meet.

Brandweerkoppelingen krijgen hun maat op twee manieren. Een Storz-koppeling herkent u aan de nokafstand: 31 mm (D), 66 mm (C), 89 mm (B) of 133 mm (A). De Nederlandse brandweer heeft er een eigen maat van 81 mm bij. De Belgische typekoppelingen heten naar de slang waarop ze passen: DSP in 45 en 70, AR in 110 en Guillemin in 45, 70, 90, 110 en 150, zoals het koninklijk besluit van 30 januari 1975 vastlegt. Bij een Storz meet u dus de afstand tussen de nokken. Bij een DSP, AR of Guillemin meet u de doorlaat en de slang.
Storz-maten: de nokafstand beslist
Twee halve Storz-koppelingen passen op elkaar als hun nokafstand gelijk is, welke slang er ook aan vastzit. De nokafstand is de afstand tussen de binnenkanten van de twee nokken die tegenover elkaar liggen. Hieronder staan de Duitse maten, die ook Luxemburg gebruikt, en de Nederlandse.
| Storz-maat | Nokafstand (mm) | Binnendiameter slang (mm) |
|---|---|---|
| D | 31 | 25 |
| C42 | 66 | 42 |
| C52 | 66 | 52 |
| B | 89 | 75 |
| A | 133 | 110 |
| Nederlandse brandweer | 81 | 52 en 75 |
C42 en C52 hebben dezelfde koppelingskop. Een slang van 42 mm sluit daardoor rechtstreeks aan op een slang van 52 mm, alleen de slangtule verschilt. De Duitse perskoppelingen zijn genormeerd in DIN 14301 (D), DIN 14332 (C42), DIN 14302 (C52) en DIN 14303 (B).
Met Nederland is het opletten. De meeste Nederlandse korpsen gebruiken een Storz-koppeling met 81 mm nokafstand op hun slangen van 52 mm en ook op die van 75 mm, zodat alle slangen en armaturen onderling koppelbaar zijn. In maattabellen staat die koppeling meestal als Storz 65. Op een Duitse B-koppeling van 89 mm past ze niet zonder verloopstuk.
Storz is geen Belgische typekoppeling. Toch komt u het systeem hier tegen: de DURATEX-slang uit ons gamma wordt standaard met Storz-koppelingen geleverd, en de federale technische fiche voor persslangen (zie verder) heeft Storz als optie op de slang van 150 mm.
DSP, AR en Guillemin: de maten in het koninklijk besluit
De Belgische typekoppelingen worden aangeduid met hun nominale diameter, en dat cijfer is de binnendiameter van de slang. Artikel 1 van het koninklijk besluit van 30 januari 1975 bepaalt dat de installaties en uitrustingen voor brandbestrijding voorzien moeten zijn van koppelstukken "die gelijkvormig zijn aan een van de types beschreven in de bijlagen 1, 2 en 3 van dit besluit". Bijlage 1 is de koppeling die als DSP verkocht wordt, bijlage 2 de AR-koppeling en bijlage 3 de Guillemin-koppeling met nominale persdruk NP 16. De cijfers hieronder komen uit de maattabellen en tekeningen zoals ze op 9 april 1975 in het Belgisch Staatsblad verschenen.
| Koppeling | Nominale diameter | Doorlaat van de slangtule (mm) | Binnendiameter slang (mm) | Schroefdraad bij koppelingen met draad |
|---|---|---|---|---|
| DSP | 45 | 39 | 45 | G 1 1/2 of G 2 |
| DSP | 70 | 64 | 70 | G 2 1/2 |
| AR | 110 | 100 | 110 | G 4 of G 4 1/2 |
| Guillemin | 45 | 40 | 45 | G 1 1/2 of G 2 |
| Guillemin | 70 | 65 | 70 | G 2 1/2 |
| Guillemin | 90 | 82 | 90 | G 3 |
| Guillemin | 110 | 100 | 110 | G 4 of G 4 1/2 |
| Guillemin | 150 | 140 | 150 | G 6 |
Voor de AR-koppeling geeft het besluit een tekening en verwijst het voor de schroefdraad naar de tabel van de Guillemin-koppeling. De AR-koppeling mag ook in nominale diameter 150 gemaakt worden en moet dan verwisselbaar zijn met de Guillemin-koppeling van die maat. De Guillemin 150 bestaat niet zonder grendel. Bij Guillemin geeft het besluit de slangdiameters als waarden ter inlichting, voor persslangen.
In catalogi staan de DSP-koppelingen ook als DSP 40 en DSP 65, of als 40/45 en 65/70, en de AR als 100/110. Dat is de Franse manier van benoemen: het eerste cijfer is de doorlaat, het tweede de slang. Frans opleidingsmateriaal voor de brandweer spreekt van DSP-koppelingen van 40 en 65 op slangen van 45 en 70 mm. Het gaat om dezelfde koppeling onder twee namen.
Bij de kolom met de schroefdraad hoort een waarschuwing. Het besluit voegt eraan toe: "De karakteristieken van de schroefdraden mogen op aanvraag van de gebruiker verschillend zijn." De tabel zegt wat u mag verwachten. Wat u in handen hebt, moet u meten.
Welke koppeling op welke slang in België
Bij de Belgische brandweer volgt de koppeling uit de slangdiameter. De federale technische fiche voor persslangen van 2017 vermeldt de slang van 25 mm voor bosbranden met Guillemin-koppelingen, die van 45 en 70 mm met DSP, die van 110 mm met AR en die van 150 mm met Guillemin. Storz komt er één keer in voor, als optie op de slang van 150 mm. De slangen uit die fiche dragen aan de uiteinden een markering met onder meer de diameter en de werkdruk. Zoek die markering eerst.
Over de grens ligt het anders. Frankrijk werkt ook met DSP en AR, Duitsland en Luxemburg met Storz, Nederland met Storz op 81 mm. Het besluit heeft daar zelf een antwoord op: artikel 2 verplicht de brandweerdiensten om over "een voldoend aantal overgangsstukken" te beschikken, waarmee ze de verschillende uitrustingen en installaties in hun gebied kunnen gebruiken. Wijken maar enkele aansluitingen af, bijvoorbeeld één uitgang van een pomp of het voertuig van een Nederlands buurkorps, dan volstaat een set overgangsstukken en hoeft er geen slang opnieuw ingebonden te worden. In ons artikel over Storz, DSP en Guillemin per land leest u meer over de verschillen.
Zo meet u een koppeling
U hebt een schuifmaat nodig en een losgekoppelde halve koppeling. Voor de grote maten volstaat een meetlat.
- Neem een foto van de voorkant en van de zijkant. Een halve Storz-koppeling heeft twee nokken die uit het koppelvlak steken. Bij DSP, AR en Guillemin haakt een schaal in de andere helft en zit daarachter meestal een grendel. Frans opleidingsmateriaal voor de brandweer beschrijft de grendel van de AR als golfvormig.
- Meet bij een Storz de nokafstand: over het midden, van de binnenkant van de ene nok tot de binnenkant van de nok ertegenover. U komt uit op 31, 66, 81, 89 of 133 mm.
- Meet bij een DSP, AR of Guillemin de doorlaat van de slangtule. Een doorlaat van 39 of 40 mm wijst op maat 45, 64 of 65 mm op maat 70 en 100 mm op maat 110. De doorlaat geeft de maat, niet de familie: bij een DSP 45 en een Guillemin 45 is hij bijna gelijk (39 en 40 mm). Daarom komt de foto eerst.
- Bepaal de binnendiameter van de slang. Lees die af van de markering of meet de buitenkant van de slangtule van een losse koppeling. Bij een Storz C maakt dat het verschil tussen 42 en 52. Een platte slang kunt u niet rechtstreeks meten: de platte breedte is de halve omtrek, ongeveer 71 mm voor een slang van 45 mm en 110 mm voor een slang van 70 mm.
- Noteer bij een koppeling met schroefdraad of het om buitendraad of binnendraad gaat en meet de diameter in millimeter. G is een pijpdraad. Het cijfer in duim is een nominale buismaat en die leest u niet af op de schuifmaat.
- Noteer of de halve koppeling een grendel heeft. Het besluit beschrijft DSP en Guillemin met en zonder grendel. Een fabrikant van DSP-koppelingen geeft aan dat een van de twee helften een grendel moet hebben, anders houdt de verbinding niet.
Wat u ons bezorgt als u twijfelt
Een naam alleen is te weinig om op te bestellen. "Storz C" dekt twee slangmaten. Een Storz-koppeling voor een slang van 75 mm kan 81 of 89 mm nokafstand hebben. DSP 40 en DSP 45 zijn hetzelfde stuk. Wij raden aan om op maten te bestellen, omdat naam en stuk niet altijd één op één overeenkomen. Bezorg ons:
- een foto van de voorkant en een van de zijkant van de koppeling
- de nokafstand (Storz) of de doorlaat (DSP, AR, Guillemin) in millimeter
- de binnendiameter van de slang of de markering erop
- bij schroefdraad: buitendraad of binnendraad, en de gemeten diameter
- met of zonder grendel
- het materiaal, als het geen aluminium is
Over dat laatste punt: het besluit beschrijft de typekoppelingen in gegoten en geanodiseerd aluminium en laat de keuze voor een koper- of roestvrije legering over aan het akkoord tussen gebruiker en constructeur.
Wij leveren Storz-koppelingen, DSP- en AR-koppelingen en Guillemin-koppelingen als slangkoppelingen, schroefdraadkoppelingen, verloopstukken en blindkoppelingen. Koppelingssleutels verschillen per systeem: vermeld het koppelingstype als u er een bestelt. Camlock-koppelingen volgen een andere logica, met lettertypes en maten in duim: zie camlock-types A tot F. Stuur ons uw foto's en maten en wij zeggen u welke koppeling u hebt.
Veelgestelde vragen
Wat is de nokafstand van een Storz C-koppeling?
Een Storz C-koppeling heeft een nokafstand van 66 mm. C42 en C52 hebben dezelfde koppelingskop en passen op elkaar. Het verschil zit in de slangtule, die gemaakt is voor een slang met 42 of 52 mm binnendiameter.
Past een Nederlandse Storz-koppeling op een Duitse Storz B?
Nee. De meeste Nederlandse korpsen gebruiken Storz met een nokafstand van 81 mm, de Duitse B-koppeling heeft 89 mm. De twee passen alleen via een verloopstuk op elkaar. Meet de nokafstand voor u bestelt.
Is DSP 40 dezelfde koppeling als DSP 45?
Ja. Het Belgische koninklijk besluit van 30 januari 1975 benoemt de koppeling naar de slang: nominale diameter 45, met een doorlaat van 39 mm en een tolerantie van 1 mm. Franse documenten benoemen ze naar de doorlaat, 40. Hetzelfde geldt voor DSP 65 en DSP 70.
Welke schroefdraad heeft een DSP-koppeling met draad?
Het Belgische koninklijk besluit geeft G 1 1/2 of G 2 voor maat 45 en G 2 1/2 voor maat 70. Het laat ook toe dat de schroefdraad op aanvraag van de gebruiker anders is. Meet de draad op het stuk dat u hebt voor u het tegenstuk bestelt.
Welke koppeling hoort in België op een slang van 110 mm?
De AR-koppeling. Bijlage 2 van het koninklijk besluit van 30 januari 1975 tekent ze met een doorlaat van 100 mm voor een slang van 110 mm, en de federale technische fiche voor persslangen van 2017 vermeldt de slang van 110 mm met AR-koppelingen. Op de slang van 150 mm staan Guillemin-koppelingen.



